De afgelopen maanden krijgen we regelmatig vragen over de plannen voor box 3 vanaf 2028.
Moet ik mijn beleggingen aanpassen? Is het verstandig om vermogen anders onder te brengen? Heeft het zin om nu al maatregelen te nemen om toekomstige belasting te besparen?
Die vragen zijn begrijpelijk. De aangekondigde hervorming van box 3 kan namelijk grote gevolgen hebben voor mensen met vermogen. Tegelijkertijd merk ik dat veel van de onrust wordt gevoed door voorstellen die nog niet definitief zijn. Juist daardoor is het lastig om nu al te bepalen welke keuzes verstandig zijn.
De plannen kunnen grote gevolgen hebben, maar voordat je daar conclusies aan verbindt, is het goed om te kijken wat er op dit moment daadwerkelijk bekend is en welke onzekerheden nog bestaan.

Box 3 is het onderdeel van de inkomstenbelasting waarin particulier vermogen wordt belast. Denk daarbij aan spaargeld, beleggingen en in sommige gevallen andere bezittingen die niet onder je eigen woning of onderneming vallen. Het uitgangspunt is dat vermogen belasting kan opleveren, maar de manier waarop dat rendement wordt belast staat al jaren ter discussie. De overheid wil namelijk af van het huidige systeem waarin belasting wordt geheven op basis van een verondersteld rendement.
Het doel van de hervorming is om belasting te heffen over het daadwerkelijk behaalde rendement. Daarbij wordt in de huidige voorstellen niet alleen gekeken naar ontvangen rente, dividend en gerealiseerde verkoopwinsten, maar in veel gevallen ook naar waardeveranderingen van vermogen.
Dat klinkt logisch. Wie meer rendement behaalt, betaalt meer belasting. Wie minder rendement behaalt, betaalt minder.
Maar tussen dat uitgangspunt en een werkbaar belastingstelsel zit een wereld van verschil. Zodra de praktische uitwerking aan bod komt, ontstaan namelijk allerlei vragen waar nog geen definitief antwoord op is.
Daarbij is het belangrijk om onderscheid te maken tussen de huidige ontwikkelingen rondom box 3 en de plannen voor een nieuw stelsel vanaf 2028. Op dit moment speelt nog steeds de afwikkeling van het box 3-herstel naar aanleiding van eerdere rechterlijke uitspraken. De discussie over het rechtsherstel en de discussie over een toekomstig stelsel zijn twee verschillende trajecten, die in de praktijk regelmatig door elkaar worden gehaald.
Een belangrijk onderdeel van de huidige plannen is de vraag hoe waardestijgingen van beleggingen moeten worden behandeld.
Daar zit direct een gevoelig punt.
Moet iemand belasting betalen over een waardestijging die nog niet is gerealiseerd? Met andere woorden: over vermogen dat op papier meer waard is geworden, maar nog niet daadwerkelijk is verkocht?
Over die vraag wordt nog volop gediscussieerd. Daarnaast wordt gekeken naar uitzonderingen, alternatieven en mogelijke aanpassingen van het systeem.
Dat betekent dat de plannen zoals ze nu bekend zijn nog niet automatisch de regels zijn waarmee uiteindelijk gewerkt gaat worden.
Een belasting op werkelijk rendement vraagt om veel meer informatie dan het huidige stelsel.
Denk aan aankoopprijzen, verkoopprijzen, ontvangen dividend, rente-inkomsten, waardeveranderingen en de verwerking van verliezen.
Dat heeft niet alleen gevolgen voor belastingplichtigen. Ook voor de Belastingdienst betekent dit een aanzienlijke uitbreiding van de benodigde gegevens en controles.
De praktijk leert dat grote fiscale hervormingen regelmatig worden aangepast wanneer de uitvoering ingewikkelder blijkt dan vooraf werd verwacht. Daarom is het verstandig om voorzichtig te zijn met conclusies op basis van voorstellen die nog volop in ontwikkeling zijn.
Voor de meeste belastingplichtigen zie ik op dit moment geen reden om grote financiële beslissingen te nemen uitsluitend vanwege de plannen voor box 3.
Daarbij is het goed om onderscheid te maken tussen spaarders en beleggers. Voor mensen die vooral spaargeld aanhouden, lijken de gevolgen van het nieuwe stelsel waarschijnlijk beperkter. Voor beleggers, vastgoedbezitters en anderen met vermogensbestanddelen waarvan de waarde kan stijgen of dalen, kunnen de uiteindelijke effecten aanzienlijk groter zijn. Juist voor deze groepen is het belangrijk de verdere ontwikkelingen goed te blijven volgen.
Daarvoor zijn er simpelweg nog te veel onzekerheden:
Wie nu al grote stappen zet op basis van de huidige voorstellen, loopt het risico beslissingen te nemen op basis van regelgeving die uiteindelijk anders uitpakt.
Stel dat iemand overweegt een deel van zijn beleggingsportefeuille te verkopen omdat hij verwacht dat toekomstige box 3-regels ongunstig zullen uitpakken.
Dat lijkt misschien een logische reactie. Maar als de uiteindelijke wetgeving wordt aangepast, kan die beslissing achteraf onnodig blijken. Bovendien kunnen transactiekosten, gemiste rendementen of een gewijzigde beleggingsstrategie uiteindelijk meer invloed hebben dan de fiscale wijziging waarop werd vooruitgelopen. Daarnaast kunnen transacties zelf financiële en fiscale gevolgen hebben die achteraf onnodig blijken.
Het probleem zit vaak niet in te weinig actie, maar in actie ondernemen voordat duidelijk is waarop precies wordt geanticipeerd.
Het kan verstandig zijn de ontwikkelingen rondom box 3 actief te blijven volgen wanneer:
Voor deze groepen kan nieuwe wetgeving uiteindelijk meer impact hebben dan voor iemand met een beperkt vermogen op een spaarrekening.
Blijf de ontwikkelingen volgen, maar laat je niet leiden door onrust of speculatie.
Op dit moment is er nog onvoldoende duidelijkheid om vergaande conclusies te trekken. Zodra de wetgeving definitiever wordt, kan veel beter worden beoordeeld wat de gevolgen daadwerkelijk zijn en of actie in jouw situatie verstandig is.
Tot die tijd is rust vaak een betere strategie dan vooruitlopen op plannen die nog volop in beweging zijn.
De hervorming van box 3 kan uiteindelijk grote gevolgen hebben voor beleggers en vermogende particulieren.
Maar op dit moment zijn er nog te veel onzekerheden om ingrijpende beslissingen op te baseren.
Wie zich nu al zorgen maakt over box 3 in 2028, doet er goed aan te onthouden dat er nog veel kan veranderen. Door ontwikkelingen te blijven volgen en pas te handelen wanneer er meer duidelijkheid is, ontstaat meestal een betere basis voor goede financiële keuzes.

Job de Boer is kantoorhouder van GoedOpOrde.nl Heemskerk en onze specialist binnen de advocatuur. Met zijn persoonlijke en directe aanpak bouwt hij duurzame relaties op en weten klanten altijd waar ze aan toe zijn.
GoedOpOrde.nl Heemskerk
heemskerk@goedoporde.nl
0251 745 633